Tips bij borstvoeding

Borstvoeding kan zowel voor jou als je baby een plezierige ervaring zijn. Een aantal handige tips om je te helpen:

Goed aanleggen in 3 stappen

Dit is een van de belangrijkste en moeilijkste dingen bij borstvoeding. Als je de baby goed aanlegt, drinkt hij beter. Bovendien bescherm je zo je borsten tegen pijnlijke kwaaltjes.
  1. Ga ontspannen zitten en leg je baby goed neer. Ga rechtop zitten. Zorg voor ondersteuning in je rug en onder je arm. Leg je baby met zijn buik tegen jouw buik, zijn neusje bij je tepel, zijn hoofd en lijfje in één lijn. Tip: De eerste keren na de bevalling voeden de meeste vrouwen liggend. Enerzijds omdat ze nog moeten bij komen van de gedane arbeid, anderzijds omdat het voor ‘beginnelingen’ vaak makkelijker is. Zie ook: Borstvoedingshoudingen
  2. Zorg dat je baby goed kan happen.Als je baby gaat zoeken, breng je zijn hoofdje dichter bij je borst (niet andersom!). Laat hem een grote ‘hap’ nemen: van je tepel én (een deel van) de tepelhof. Je baby zuigt je tepel en een deel van je borst vacuüm en begint te drinken. Het eerste aanzuigen kan een wat stekend gevoel geven, maar als je baby goed is aangelegd en er geen bijzondere omstandigheden zijn, mag het drinken geen pijn doen. Tip: draait je baby zijn hoofdje weg, aai dan eventjes over zijn wangetje, dan draait hij zijn hoofdje terug. Als het mondje wijd open is en de tong komt een beetje naar buiten, richt dan je tepel op het midden van het mondje en trek de baby naar je toe.
  3. Controleer of hij je tepelhof goed beet heeft. Je moet de baby horen drinken: dat is een soort ‘klokkend’ geluid. Hoor je dat niet of zijn de lipjes níet naar buiten gekruld, maakt hij smakgeluidjes of doet het pijn? Verbreek het vacuüm dan voorzichtig met je pink in zijn mondhoek en probeer het opnieuw. Schrik niet! Dat is allemaal normaal. In het begin is je kind vast nog wat stuntelig (en jij misschien ook). De eerste twee tot zes weken is het vooral oefenen, oefenen, oefenen. De kraamverzorgster kan je daarbij helpen.

Vervolgstap: wissel op tijd van borst

Als je baby vaak de tepelhof masseert en maar weinig slikt, weet je dat je borst leeg is. Je kunt je baby dan je tweede borst geven. Het is overigens goed te horen als je baby een slok neemt; hij maakt dan een stotend uitademingsgeluidje. 

Pijnlijke tepels

Als je last hebt van pijnlijke tepels, is het prettig om je kind tijdens iedere voeding één borst aan te bieden in plaats van twee. Zo krijgt de andere kant even rust.

De eerste dagen

De baby vaak aanleggen tijdens de eerste dagen na de geboorte, heeft een positieve invloed op de melkproductie in het begin én op de langere termijn. Door goed naar je kindje te kijken, leer je wanneer je baby wel of niet wil drinken. In het begin kan het een paar minuten duren voordat de melk toeschiet, dus neem rustig de tijd voor het voeden. Verliest je baby wat gewicht? Dat is de eerste dagen normaal. Na ongeveer twee weken is het de bedoeling dat de baby weer terug op zijn geboortegewicht zit. Na een week zou je genoeg melk moeten hebben om je baby te kunnen voeden. Zo’n acht voedingen per 24 uur is in het begin heel gewoon. Probeer minimaal 6 voedingen per dag te geven, want dat houdt je melkproductie op gang.

Als het (nog) niet wil vlotten

Tegen het gehemelte van je baby zit een plekje dat de zuigreflex prikkelt. Als je je pink of tepel erop legt, zal hij onmiddellijk gaan zuigen. Door je baby naakt tegen je aan te leggen bevorder je deze reflex. Je baby heeft als het ware huidhonger. In de baarmoeder had zijn huid continu contact met het vruchtwater en de baarmoederwand, dus nu vindt hij het fijn om met z’n velletje tegen mama of papa aan te liggen. Hoe meer contact, des te meer aanraking hij voelt, hoe sterker de zuigreflex is.

Gouden borstvoedingstips

  • Oefen met goed aanleggen. Dat voorkomt mogelijk tepelkloven en andere ellende
  • Voed niet met tien man rond je bed, maar zorg voor rust. Vooral in het begin
  • Check je borsten elke dag en masseer eventuele harde plekken weg. Zo kun je een borstontsteking voorkomen
  • Je tepels krijgen – vooral bij de eerste – heel wat te verduren. Een laagje Bepanthen na de voeding doet wonderen
  • Lukt het écht niet met de borstvoeding? Dan is er altijd nog de fles. Graag zonder schuldgevoel!
  • Laat je tepels altijd aan de lucht drogen, voordat je je beha weer dichtmaakt. Dit helpt tepelkloofjes te voorkomen

Drink en rust veel

Veel drinken en goed rusten helpen bij het opgang houden van de borstvoeding.
Krampjes komen zowel voor bij baby's die borstvoeding krijgen als die dit niet krijgen. De oorzaak is niet helemaal duidelijk, maar heeft waarschijnlijk te maken met de onrijpheid van de darmen. De neiging bestaat om krampjes bij borstgevoede kinderen toe te schrijven aan wat de moeder eet. Tot nu toe is deze relatie nooit wetenschappelijk aangetoond. Als je toch het idee hebt dat je kind reageert op jouw voeding, is het een kwestie van uitproberen en afstrepen.
Drink tijdens tijdens de borstvoeding geen alcohol. Alcohol is in feite een giftige stof. Dat glaasje wijn komt uiteindelijk in de moedermelk terecht. Als je een keertje zin hebt in een glaasje, kun je dat het beste meteen na een voeding doen. Na ongeveer drie uur is de alcohol afgebroken en je melk weer ‘schoon’ of je geeft je baby een flesje afgekolfde melk.

Als je ziek bent

Bij ziekte als griep, verkoudheid en hoge koorts kun je blijven doorvoeden. Het kan wel zijn dat je door het ziek zijn, minder dorst en honger hebt. Hierdoor kan de borstvoeding teruglopen. Blijf toegeven aan de vraag van je baby, probeer met regelmaat te drinken en te eten en zorg voor extra rust en comfort voor jezelf. Dan komt de voeding vanzelf weer op peil.

Jouw ziek zijn levert geen gevaar op voor je baby. Immers, hij wordt niet besmet via jouw melk, je baby is al net zolang in contact geweest met de ziekte als jijzelf. Juist moedermelk beschermt tegen infecties.Jij maakt de antistoffen aan tegen de virussen en bacteriën, waarmee contact is geweest en deze krijgt je kleine weer binnen via de melk. Zo bescherm je hem dus met het geven van borstvoeding.

Afbouwen van borstvoeding

Het afbouwen duurt gemiddeld 2 tot 4 weken en dit is weer afhankelijk van je melkproductie.
Je kunt beginnen met 1 voeding per dag te vervangen door flesvoeding. Dit doe je een week en zo bouw je elke week weer een voeding af die je dan weer een week volhoudt en zo verder.

Met dank aan oudersvannu.nl en het Voedingscentrum.